Remgeld is meer dan een bedrag op de factuur

Armoede doet iets met mensen. Onderzoek suggereert dat armoede mensen keuzes doet maken die op korte termijn renderen, met minder aandacht voor alternatieven die verderop mogelijks meer renderen of minder schaden. De focus ligt immers op het hier en nu overleven.1 De Belgische overheid lijkt hetzelfde probleem te vertonen. Onze begroting staat diep in het rood. De ministers en parlementsleden zitten in overlevingsmodus en nemen haastig beslissingen, op zoek naar geld om de rekening te doen kloppen. De begrotingsdeadline weegt daarbij zwaarder door dan de lange termijnvisie.

Zo komen we bij de geplande verhoging van het remgeld. De federale regering heeft bij de vorige begrotingsronde alvast besloten hier 125 miljoen euro uit te halen. De overheid ziet hierin een simpele rekensom. Laat patiënten wat meer betalen voor een bezoek bij de arts, een opname of medicijnen, en verlaag het aandeel dat terugbetaald wordt. Door de prijsstijging zal de patiënt mogelijks minder snel zorg gebruiken, wat de factuur nog verder vermindert. Helaas is het concept van remgeld niet zo eenvoudig als de cijferlogica doet vermoeden. Laat ons eerst kijken naar de feiten. Het “remgeld” moet zorggebruik “remmen” door de patiënt een eigen bijdrage te laten betalen. Deze eigen bijdrage ligt in België al hoger dan het Europees gemiddelde.2 Het Federaal Kenniscentrum voor de gezondheidszorg (KCE) rapporteerde in 2024 dat dit remgeld desondanks niet voorkomt dat de hogere-inkomensgroepen in ons land meer zorg gebruiken dan nodig. Een deel daarvan is “Low Value Care”: zorggebruik met weinig meerwaarde en vooral bijkomende kosten voor de maatschappij. Daarnaast zien we dat de armste groep Belgen te weinig zorg krijgt en zelfs een dalende toegankelijkheid ervaart, terwijl zij net meer gezondheidsproblemen hebben.3 Een rapport van de NGO EuroHealthNet uit 2025 trekt dezelfde conclusie.4 We kunnen concluderen dat het remgeld momenteel al niet zoveel “remt”, en als het toch remt, dan vooral de foute groep. Met meer kosten voor de maatschappij op lange termijn, aangezien uitgestelde zorg nu leidt tot duurdere zorg later.

Zal een hoger remgeld er dan voor zorgen dat mensen minder overbodig gebruik maken van zorg? Dat hangt heel sterk af van het type zorg. Iemand die een hartinfarct heeft zal nog steeds opgenomen moeten worden, maar achteraf gewoon meer moeten betalen als er remgeld gevraagd wordt. Op urgent of levensnoodzakelijk zorggebruik heeft de prijs dus weinig remmend effect, het moet hoe dan ook gebeuren. Een hogere prijs treft daar vooral de kwetsbaarste groep. Dit is de groep die zorg uitstelt vanwege financiële barrières, en zo ook meer (urgente) zorg nodig heeft.

Voor meer alledaagse zaken is het de vraag of een hoger eigen aandeel de gemiddelde Belg effectief zal tegenhouden. Op basis van de bevindingen van het KCE en de soms hoge eigen bijdrage vandaag, kunnen we vermoeden van niet. Een hoger remgeld houdt de overconsumptie niet tegen. Wat het wel doet is kwetsbare patiënten weghouden van noodzakelijke zorg, tot een alledaags probleem een urgente en duurdere zorgnood wordt. Door geen gelijke toegang tot zorg te garanderen omwille van extra financiële barrières, dreigen we een geneeskunde met twee snelheden te creëren.

Als remgeld niet “remt” is het verhogen van het remgeld gewoon een besparing voor de overheid en een verkapte belasting op wie zorg nodig heeft. Dit druist in tegen het solidariteitsprincipe van onze gezondheidszorg. De overheid denkt te veel vanuit een boekhoudersmentaliteit, terwijl we juist moeten vertrekken vanuit een coherente visie.  We moeten de juiste zorg op de juiste plaats door de juiste persoon en op het juiste moment stimuleren. Preventie van aandoeningen vooropstellen, niet de zieke belasten. Als men toch effectief werk wil maken van een aanpassing van het remgeld, moet dat gericht en fijnmazig gebeuren. Daarvoor zijn grote hervormingen nodig. Die vragen tijd en grondigheid, geen paniekvoetbal. In plaats van in overlevingsmodus achter de feiten te blijven lopen, moeten we werk maken van een duurzame hervorming van de financiering van de zorg.

Laurens De Boeck
Marieke Geijsels

  1. Sendhil Mullainathan & Eldar Shafir, Schaarste. ↩︎
  2. OECD. OECD Data Explorer. Health expenditure and financing. ↩︎
  3. Gerkens S, Lefèvre M, Bouckaert N, Levy M, Maertens de Noordhout C, Obyn C, et al. Performance of the Belgian health system: Report 2024. Health Services Research (HSR). Brussels: Belgian Health Care Knowledge Centre (KCE); 2024 02/2024. KCE Reports 376C (376) Available from: https://doi.org/10.57598/R376C ↩︎
  4. https://eurohealthnet.eu/wp-content/uploads/publications/2025/2509_social-inequalities-in-health_summary-report.pdf ↩︎

Ontdek meer van ViaCaro

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder